Gegrond bezwaar CBR: maatregel onderzoek rijgeschiktheid ingetrokken

Amersfoort – Het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen heeft vandaag in bezwaar haar eerder genomen besluit ingetrokken. In deze zaak van mr. Van Doleweerd ging het om een onderzoek naar de rijgeschiktheid wegens rijden onder invloed van verdovende middelen.

Onderzoek naar de rijgeschiktheid

Het onderzoek naar de rijgeschiktheid is een medisch onderzoek dat door het CBR wordt opgelegd indien er twijfel bestaat of iemand wel geschikt is om een rijbewijs te mogen hebben. Het is een vrij kostbaar onderzoek (veelal is iemand de opleggingskosten van € 384,00 en de onderzoekskosten van € 762,00 verschuldigd) en kan tot gevolg hebben dat iemand zijn of haar rijbewijs voor minimaal een jaar kwijtraakt. Het is dus een behoorlijk verstrekkende maatregel, waarover nog wel eens te lichtvaardig gedacht wordt. Vaak loont het de moeite om te bezien of dit onderzoek wel opgelegd had mogen worden. Zo ook in deze zaak.

Rijden onder invloed drugs: geen overschrijding grenswaarde

De cliënt werd staande gehouden als bestuurder en moest een speekseltest ondergaan. Het voorlopig onderzoek was positief, waarna de man werd aangehouden wegens verdenking van het rijden onder invloed van verdovende middelen. Na aanhouding volgde een bloedonderzoek. Het resultaat daarvan was dat de sinds 1 juli 2017 geldende grenswaarde niet werd overschreden. Desondanks legde het CBR een maatregel tot onderzoek naar de rijgeschiktheid wegens het vermoeden van rijden onder invloed van verdovende middelen op.

Bezwaar

Mr. Van Doleweerd maakte namens de client bezwaar tegen deze beslissing en betoogde dat op grond van de bedoeling van de wetgever en algemene rechtsbeginselen het niet zo kan zijn dat iemand onder de toegestane grenswaarde blijft – en zich dus aan de Wet houdt – desondanks geconfronteerd wordt met ernstige nadelige gevolgen. Daarmee zou bijvoorbeeld een onaanvaardbaar verschil ontstaan met bestuurders die alcohol gedronken hebben: zij worden – indien ze onder de grenswaarde van 220 µg/l (of 90 µg/l in het geval van een beginnend bestuurder) – niet geconfronteerd met nadelige gevolgen.

Het CBR raakte hierdoor overtuigd en heeft haar fout hersteld: de man hoeft het onderzoek niet te ondergaan en krijgt een proceskostenveroordeling toegekend.

Rijden onder invloed drugs onder de grenswaarde

Deze zaak geeft duidelijkheid over de sinds 1 juli 2017 ontstane situatie dat gereden wordt onder invloed van drugs, maar onder de grenswaarde. In zoverre is dit een belangrijke uitspraak voor dit type zaken. Het is echter nog te vroeg om te stellen dat dit een nieuwe richting is voor het CBR, maar het is in ieder geval een bemoedigend signaal.

Advies van een CBR-advocaat?

Heeft u vragen of wilt u advies in uw specifieke situatie? Leg uw vraag vrijblijvend voor aan mr. C.R. van Stokkum of mr. J.J.D. van Doleweerd, advocaten gespecialiseerd in CBR-zaken bij 3 Advocaten in Amersfoort.

Direct een vraag stellen?

Vul het formulier hiernaast in en we nemen zo snel mogelijk contact met u op!